Natuurpad
Ligging en wegwijzer
De plantage Peperpot bevindt zich in het kustdistrict Commewijne, is gelegen aan de rechteroever van de Surinamerivier en wordt doorsneden door de Oost-Westverbinding.
Natuurpad
Het natuurpad, dat een verbinding vormt tussen de Weg naar Peperpot en de Oost-Westverbinding, kan langs beide zijden worden opgegaan. Op ongeveer 5 km van de brug langs de Oost-Westverbinding, even na de politiepost van Meerzorg, treft men rechts de ingang met poort aan. Dit laatste om te voorkomen dat motorrijtuigen het gebied binnengaan. De andere ingang, eveneens met poort, bevindt zich ongeveer halverwege het zandpad, links op de ‘Weg naar Peperpot’.
Het natuurpad is een 3,2 km lang wandel- en fietspad dat langs één der vaarkanalen van de plantage Mopentibo loopt. De plantage Mopentibo ligt westelijk naast plantage Peperpot. Het gedeelte aan de oostelijke zijde van dit vaarkanaal wordt ten oosten eveneens begrensd door een breed, parallel lopend afvoerkanaal. Toegang tot het gedeelte tussen beide vaarkanalen is mogelijk middels enkele zijpaden. In een klein gedeelte (areaal A13) zijn bruggetjes over de irrigatie- kanalen aangebracht waardoor men een goed beeld krijgt van de oorspronkelijke aanleg van de plantage. Op een kort stuk na is het vaarkanaal langs het pad begroeid met ‘moko-moko’ (Montrichardia arborescens) waartussen vele vogels hun broedplaatsen vinden.
Om bomen en planten gemakkelijk te ontdekken en herkennen zijn op verschillende plaatsen hun naamborden aangebracht. Langs de paden treft men op diverse plaatsen zitbanken aan.
Emplacement
Vanuit Paramaribo gaat men over de brug die de Surinamerivier overspant naar Meerzorg, en vervolgens langs de Oost-Westverbinding richting Albina. Na ongeveer 1,8 km op d
eze hoofdweg gaat men rechtsaf op de secundaire, geasfalteerde weg (Pandit Murliweg) die op het einde via een S-bocht (rechts/links) aansluiting geeft op de ‘Weg naar Peperpot’. Van deze weg is het gedeelte tot een eerste sluis eveneens geasfalteerd maar gaat over in een zandweg die langs twee historische sluizen en het bedrijfsemplacement van de plantage Peperpot loopt naar plantage La Liberté. Op het emplacement bevinden zich de oude koffie- en cacaofabriek, de bewoonde onderdirecteurswoning, het vervallen kantoorgebouw, en de in renovatie zijnde koffieloods en directeurswoning. De bestaande vijver, waar via de vaarkanalen de koffie werd aangeleverd, deed ook dienst als waterreservoir voor het emplacement. Enkele tientallen meters verderop ligt de nog bewoonde kampong.
Flora
Cacao werd hoofdzakelijk geteeld in het gebied dat zich langs het zanderige gedeelte van de Weg naar Peperpot bevindt. In het gebied rondom het natuurpad werd destijds koffie (Coffea sp.) geteeld. Langs de irrigatiekanalen kan men nog duidelijk de aanplant van rijen koffiebomen zien evenals die van de ‘kofimama’ (Erythrina glauca) bomen. De laatsten moesten zorgen voor schaduw van de koffiebomen, vandaar ook de zeer toepasselijke lokale naam. Na stopzetting van de bedrijfsactiviteiten ontstond het huidige ‘plantagebos’ met daarin hoofdzakelijk inheemse maar ook exotische planten. Een van de nog duidelijk zichtbare exoten is bamboe (Bambusa vulgaris) welke reeds zeer lang geleden vanuit tropisch Azië werd ingevoerd en werd gebruikt voor allerlei doeleinden.
Enkele Plantsoorten toegelicht
Kofimama (Erythrina glauca) De kofimama is een flinke boom met gestekelde stam en takken. De veel- zadige peul bevat zwarte of bruine zaden die erg giftig zijn. In de droge tijd valt het blad af waarna de boom bloeit en verandert in een rood boeket. De boom verdraagt zeer goed vocht en was daarom de boom bij uitstek om te worden gebruikt als schaduwboom op koffie- en cacaoplantages. Nadeel was echter het kaal staan in de droge tijd waardoor er tijdelijk geen beschutting was voor de aanplant.
Koffie (Coffea sp.) Koffiebomen zijn eerder klein waarvan de gevorkte bloeiwijze dicht opeenstaande, vrij grote, witte bloemen heeft. De vrucht, die koffiebes wordt genoemd, is bijna bolvormig en de schil kleurt rood bij rijping. Het is in feite een steenvrucht waarin zich twee kernen bevinden, omringd door een sappige, ietwat zoete pulp. Binnen elke kern ligt een zaad, de koffieboon. In Suriname werden verschillende soorten koffie geteeld, met elk zijn eigen voor- en nadelen.
Cacao (Theobroma cacao) Toen de plant in Suriname als cultuurgewas werd ingevoerd wist men nog niet dat die ook in het wild langs de rivieroevers in het binnenland voorkwam. Dat werd pas ontdekt in 1917, ruimschoots nadat de eerste cacaoplantages waren aangelegd. De cacao is een relatief kleine boom. Uit het vruchtbeginsel groeit in 5 1⁄2 maand een grote vrucht die al naar gelang het ras nogal van uiterlijk kan verschillen. De rijpe vrucht bevat 40 plat-ovale zaden in 5 rijen die zijn omgeven door een zoetzure, eetbare pulp. In Suriname liet men pulp en zaden enkele dagen fermenteren waarna men de pulp wegwaste en de overgebleven zaden machinaal of in de zon droogde.
Fauna
Met de veranderende vegetatie verschenen er ook andere dieren in het gebied. Naast de altijd aanwezige vlinders en libellen, kunnen er soms aapjes en luiaarden, maar vooral een grote verscheidenheid aan vogels worden waargenomen.
Enkele diersoorten toegelicht
Vogels
Zwartnek-arassari (Pteroglossus aracari) De zwartnek-arassari is een zeer herkenbare toekan door de ivoorkleurige band langs de zwarte, lange snavel. Buiten de broedperiode leven ze in groepen die variëren van 6 tot 30 individuen. Het zoeken naar voeding, waaraan de meeste tijd wordt besteed, geschiedt eveneens in groepsverband. Voornamelijk fruit maar ook insecten staan op het menu. Om bij het gewilde fruit te komen, hangt de arassari soms zeer acrobatisch ondersteboven aan een tak. Tussen februari en augustus worden de nesten gebouwd door oude (of soms niet eens verlaten) nesten van spechten te bezetten en deze naar eigen smaak en voldoening aan te passen.
Wegbuizerd (Buteo magnirostris) De wegbuizerd is de meest algemeen voorkomende buizerd in zijn leef- gebied. Hij voedt zich voornamelijk met insecten, reptielen en kleine zoog- dieren. Tijdens de paartijd is de buizerd niet bepaald discreet en is zelfs eerder luidruchtig met een nogal klaaglijke schreeuw. Met uitzondering van het dichte bos past de wegbuizerd zich aan alle habitats aan. Zoals de benaming al doet vermoeden treft men hem vaak aan langs de weg. De wegbuizerd is sedentair en leeft alleen of in paren. Het nest, gemaakt van takken en bekleed met bladeren, is een solide constructie die zich in boomtoppen bevindt.
Vlinder
Monarch (Danaus plexippus) Monarchs hebben een groot verspreidingsgebied. Monarchs verdragen echter geen vrieskou en hebben de aanwezigheid van Asclepias soorten (melkkruid), waarvan de meeste giftig zijn, nodig om te overleven. Monarchs zijn daarom ook giftig voor vogels en andere gewervelde dieren. In koudere klimaten migreren volwassen vlinders massaal, van augustus tot oktober, om te overwinteren, zoals bv naar Mexico waar miljoenen individuen in bomen huizen. Monarchs in tropische gebieden migreren niet maar zoeken hogere gebieden op in het droge seizoen. Hoewel de Monarch onder CITES geen speciale status heeft wordt de jaarlijkse migratie als een ‘bedreigd fenomeen’ aangemerkt door de International Union for Conservation of Nature and Natural Resources.
Apen
Doodskopaap (Saimiri sciureus) Monki-monki’s prefereren de tussenliggende hoogten van het tropisch regenwoud maar gaan door alle lagen van het woud heen wanneer ze op zoek gaan naar voedsel.
Het dieet bestaat uit fruit maar ook spinnen en insecten worden gegeten, evenals wat bladeren en zaden. Zij leven in groepen die tot 30 individuen kunnen bestaan, maar de grootte van de groep wordt bepaald door de habitat waarin ze leven. De verschillende groepen vermijden elkaar waardoor er geen territoriale geschillen voorkomen. Monki-monki’s zijn actief tijdens de dag met activiteiten die voornamelijk plaatsvinden in de buurt van water. Monki-monki’s zijn zeer behendig en kunnen al rennend op takken door het regenwoud worden waargenomen.
Rolstaartaap (Cebus apella) Keskesi’s zijn sociale aapjes die leven in groepen van 8 tot 15 dieren. De groep wordt geleid door een dominant mannetje dat het meest actief is bij het beschermen van de groep voor roofdieren en andere groepen apen. Fruit vormt een groot gedeelte van het dieet van de rolstaartaap. Zij kunnen, dankzij hun robuuste kaken, grote fruitsoorten eten, maar vegetatie, zaden, eieren, insecten, reptielen, vogels en kleine zoogdieren maken ook deel uit van het menu. Het zoeken naar voedsel is overigens een luide en destructieve activiteit. Van boom tot boom wordt de vegetatie weggerukt en noten opengekraakt door ze tegen takken te slaan. Keskesi’s zijn zeer op hun hoede voor roofvogels en uiten scherpe fluitsignalen wanneer die worden waargenomen.
Voorkomende bomen, vogels en lagere planten
Checklist bomen
| Lokaal | Wetenschappelijk |
|---|---|
| Abrasa | Clusia scrobiculata |
| Boskalebas | Couroupita guianensis |
| Boskof | Coussarea paniculata |
| Cacao | Theobroma cacao |
| Dia-ficus | Ficus maxima |
| Doyfi siri | Guarea sp. |
| Ficus kleinbladig | Ficus sp. |
| Geelbast Jakanta | Herbepetalum humiriifolium |
| Groenhart | Tabebuia serratifolia |
| Grootbladige bradilif | Coccoloba latifolia |
| Grootbladige ficus | Ficus ernestiana |
| Grootbladige zwarte pisi | Nectandra grandis |
| Gubaya | Jacaranda copaia |
| Kankantri | Ceiba pentandra |
| Kapuweri boszuurzak | Annona sericea |
| Kapuweri swit-bonki | Inga disticha |
| Kasaba-udu | Didymopanax morototoni |
| Koffie | Coffea sp. |
| Kofimama | Erythrina glauca |
| Konkoni-udu laagland | Gustavia hexapetala |
| Kras pisi | Ocotea sp. |
| Krasbas-udu | Citharexylum macrophyllum |
| Kunatepi | Platymiscium trinitatis |
| Kwaku | Marlierea montana |
| Laagland babun | Virola surinamensis |
| Langbladig Gomhout | Sapium ciliatum |
| Meli-sali | Conceveiba guianensis |
| Mira udu | Triplaris surinamensis |
| Mope | Spondias mombin |
| Morototo | Schefflera paraensis |
| Obe palm | Elaeis guineensis |
| Pikinmisiki | Piptadenia suaveolens |
| Pina palm | Euterpe oleracea |
| Posentri | Hura crepitans |
| Prasara-udu | Torrubia sp. |
| Sedre/Ceder | Cedrela odorata |
| Swit-bonki | Inga bourgoni |
| Swit-bonki rode b. | Inga pezizifera |
| Swit-bonki witte b. | Inga alata |
| Tafrabon | Cordia sagotii |
| Tingimoni rode bast | Protium polybotryum |
| Uma bospapaya | Cecropia obtusa |
| Uma pinya | Vismia guianensis |
| Weti-udu | Tapirira guianensis |
Checklist lagere planten
| Lokaal | Wetenschappelijk | |
|---|---|---|
| Anesi-wiwiri | Piper marginatum | |
| Bamboe | Bambusa vulgaris | |
| Bitawiri | Cestrum latifolium | |
| Bolomaka | Solanum stramonifolium | |
| Bromelia | Tillandsia fasciculata | |
| Driekantig liaan | Serjania paucidentata | |
| Kopkopi | Trema micrantha | |
| Kutsutitey | Pueraria phaseoloides | |
| Liemswied | Wedelia trilobata | |
| Man anesi-wiwiri | Piper aduncum | |
| Merkitiki | Bonafousia undulata | |
| Merkititey | Mandevilla scabra | |
| Mispel | Miconia sp. | |
| Mispel (badoek) | Miconia sp. | |
| Moko-moko | Montrichardia arborescens | |
| Nijlsla | Pisitia stratiotes | |
| Palulu groot | Phenakospermum guianense | |
| Palulu rode | Heliconia bihai | |
| Pipera | Piperaceae spp. | |
| Popokaytongo | Heliconia psittacorum | |
| Ruwe bast mispel | Miconia sp. | |
| Sangrafu rood | Costus arabicus | |
| Sangrafu wit | Costus sp. | |
| Sukrutanta | Wulffia baccata | |
| Toriman | Desmodium canm | |
| Waraku-wiri/varens | Polypodiaceae fam. | |
Checklist vogels
| Engels | Wetenschappelijk |
|---|---|
| Arrowhead Piculet | Picumnus minutissimus |
| Bananaquit | Coereba flaveola |
| Black-crested Antshrike | Sakesphorus canadensis |
| Blackish Antbird | Cercomacra nigrescens |
| Black-necked Araçari | Pteroglossus aracari |
| Black-spotted Barbet | Capito niger |
| Black-throated Antbird | Myrmeciza atrothorax |
| Bleu-grey Tanager | Thraupis episcopus |
| Blood-coloured Woodpecker | Veniliornis sanguineus |
| Buff-breasted Wren | Thryothorus leucotis |
| Cinereous Tinamou | Crypturellus cinereus |
| Cinnamon Attila | Attila cinnamomeus |
| Common-Tody Flycatcher | Todirostrum cinereum |
| Crested Oropendula | Psarocolius decumanus |
| Glittering-throated Emerald | Amazilia fimbriata |
| Great Kiskadee | Pitangus sulphuratus |
| Great Potoo | Nyctibius grandis |
| Green Ibis | Mesembrinibis cayennensis |
| Green-rumped Parrotlet | Forpus passerinus |
| Green-tailed Jacamar | Galbulla galbula |
| Little Cuckoo | Piaya minuta |
| Orange-winged Parrot | Amazona amazonica |
| Pale-breasted Thrush | Turdus leucomelas |
| Palm Tanager | Thraupis palmarum |
| Red-legged Honeycreeper | Cyanerpes cyaneus |
| Roadside Hawk | Buteo magnirostris |
| Rusty-margined Flycatcher | Myiozetetes cayanensis |
| Silver-beaked Tanager | Ramphocelus carbo |
| Southern House Wren | Troglodytes aedon |
| Spotted Puffbird | Bucco tamatia |
| Straight-billed Woodcreeper | Xiphorhynchus picus |
| Tropical Kingbird | Tyrannus melancholicus |
| Turquoise Tanager | Tangara mexicana |
| Violaceous Euphonia | Euphonia violacea |
| White-tailed Trogon | Trogon viridis |



